Ajacieden zijn niet bepaald geliefd in Den Haag. 'Daar denken de supporters ook nog eens dat ze de grootsten zijn. Moet je niet bij Hagenaars zijn, hoor', aldus Den Turk, die een deel van de jeugdopleiding van Ajax genoot. 'Als je alles geeft voor de ploeg, dan kom je een heel eind. Ik werkte hard, gooide de beuk erin en deelde ook nog wel eens een schopje uit.'
Net als Den Turk heeft Mols het ook niet zo op Ajax. 'Gek genoeg heb ik daarna erg vaak bij clubs gespeeld die iets tegen Ajax hadden, zoals FC Utrecht, ADO Den Haag, nu Feyenoord.'
Mols moest in Den Haag de nodige scepsis wegnemen. 'In Den Haag hadden ze moeite met mijn accent, daar dolden ze me wel eens mee. De supporters hadden ook iets van 'wat moeten we hier met die ouwe?' Maar dat lag eerder aan het seizoen daarvoor, toen ik bij FC Utrecht niet echt uit de verf kwam. Of de Haagse fans me meteen associeerden met Ajax weet ik niet. Ajax heeft de uitstraling van 'wij zijn de besten'. De club profileert zich ook als zodanig. Dat roept weerstand op. Van Amsterdammers wordt dan ook meteen gedacht dat ze allemaal een grote mond hebben. Is dus niet zo. Ik ben redelijk rustig.'
Volgens Mols zijn de supporters van ADO Den Haag helemaal niet zo agressief als wordt geschetst in de media. 'Ik geloof wel twintig minuten lang. Dat deed me heel veel. De waardering die je terugkrijgt van de supporters, was ongekend. Het beeld dat vaak van de Haagse fan wordt geschetst, is niet terecht.'